Posts tonen met het label rinpoche. Alle posts tonen
Posts tonen met het label rinpoche. Alle posts tonen

vrijdag 6 september 2013

De wolken en de hemel

Stukje uit; Het Tibetaanse boek van leven en sterven: Sogyal Rinpoche
Hemel en de wolken Hoe ons leven er ook uit ziet, onze Boeddhanatuur is er altijd. En zij is volmaakt. De Boeddha’s in hun oneindige wijsheid kunnen haar niet verbeteren, en gewone wezens, in hun schijnbaar eindeloze verwarring, kunnen haar niet bederven. Je kunt onze ware natuur vergelijken met de hemel, en de verwarring van de gewone geest met de wolken. Op sommige dagen is de hemel volledig bedekt met wolken. Wanneer we op de grond staan en omhoog kijken, is het erg moeilijk te geloven dat er nog iets anders is dan wolken. Maar we hoeven alleen maar in een vliegtuigje te stappen om boven de wolken een grenzeloze , helderblauwe hemel te ontdekken. Van bovenaf lijken de wolken, waarvan wij eerst aannamen dat alleen zij bestonden, zo klein en zo ver weg. We zouden altijd moeten proberen ons te herinneren dat de wolken de hemel niet zijn, en er niet toe ‘behoren’. Ze hangen er alleen maar en glijden langs op hun ietwat dwaze en niet-afhankelijk manier. En op geen enkele wijze kunnen ze de hemel ooit bezoedelen of tekenen. Waar is die Boeddhanatuur nu precies? In de natuur van onze geest, die als hemel is. Volledig open, vrij, en onbegrensd, is zij in essentie van zo’n eenvoud en zo natuurlijk, dat zij nooit ingewikkeld, bedorven of bezoedeld kan worden; zij is van een zuiverheid die zelfs het concept van zuiver en onzuiver voorbij gaat. Als we over deze natuur van de geest zeggen dat zij zo ruim is als de hemel, is dat natuurlijk slechts een metafoor, die helpt ons enige voorstelling te maken van haar alles omvattende onmetelijkheid; want de boeddhanatuur heeft een kwaliteit die de hemel nooit kan hebben, de stralende helderheid van gewaar-zijn. Zoals gezegd wordt: Het is niets anders dan ononderbroken puur gewaar-zijn, kennend, leeg, naakt en wakker. Dudjom Ripoche schreef: Geen woorden kunnen het beschrijven Geen voorbeeld kan het duiden Samsara maakt het niet erger Nirvana maakt het niet beter Het is nooit geboren Het is nooit opgehouden Het is nooit bevrijd Het is nooit misleid Het heeft nooit bestaan Het is nooit niet-bestaand geweest Het heeft totaal geen grenzen Het valt in geen enkele categorie. Nyoshul Khen Rinpoche zegt: Diepzinnig en stil, vrij van complexiteit, Natuurlijk, stralende helderheid, De geest van conceptuele ideeën voorbij; Dit is de diepte van geest der Overwinnaars. Hier valt niets te verwijderen, Noch aan toe te voegen. Het is enkel het ongerepte Dat spontaan naar zichzelf kijkt.
Zoek de hemel niet ver, maar in je zelf Warme groet Jeltje

maandag 2 september 2013

vergankelijkheid (identiteit) afsluiting

Uit: het tibetaanse boek van het leven en sterven. Sogyal Ripoche
Zonder onze vertrouwde steunpilaren komen we oog in oog met onszelf te staan, iemand die we niet kennen, een vreemde, die ons op de zenuwen werkt, met wie we al een tijd geleefd hebben, maar die we nooit werkelijk hebben willen ontmoeten. Proberen we daarom niet elke minuut van onze tijd te vullen met lawaai en bezigheden, hoe saai of alledaags ook, om maar nooit in stilte met deze vreemde alleen hoeven te zijn? En wijst dat niet op iets fundamenteel tragisch in onze manier van leven? We leven met een aangenomen identiteit, in een neurotische sprookjeswereld die niet meer werkelijkheid bezit dan de Sprookjes-schildpad in Alice in Wonderland. Gehypnotiseerd door de opwinding van het bouwen, hebben we de huizen van onze levens op zang gebouwd. Deze wereld kan er verbazingwekkend overtuigend uitzien, totdat de dood de illusie ondergraaft en ons uit onze schuilplaats jaagt. Wat zal er dan met ons gebeuren, als we geen idee hebben van een diepere werkelijkheid? Als we sterven, laten we alles achter, in het bijzonder dit lichaam, dat we zozeer gekoesterd hebben, waar we zo blind op vertrouwd hebben en dat we zo hard geprobeerd hebben in leven te houden. Maar onze geest is al net zo onbetrouwbaar als ons lichaam.Kijk maar een paar minuten naar je geest. Je zult zien dat die als een vlo voortdurend heen en weer springt. Je zult zien dat gedachten opkomen zonder enige reden, zonder enige samenhang. Meegesleurd door de chaos van elk moment, zijn we slachtoffers van de grilligheid van onze geest. Als dit de enige geestestoestand is die we kennen, dan is het een absurde gok om op het moment van de dood op onze geest te vertrouwen.
warme groet Jeltje

zondag 1 september 2013

vergankelijkheid 1 ( identiteit)

Stukje uit: Het Tibetaanse boek van leven en sterven. Sogyal Rinpoche
Waarom is het zo moeilijk de dood in ons leven toe te laten? En waarom zijn we eigenlijk zo bang voor de dood dat we tot elke prijs vermijden hem onder ogen te zien? Ergens, diep in ons, weten we dat we hem niet kunnen blijven negeren. Zoals Milarepa zegt:’Dit ding, dat men lijk noemt, waar wij bang voor zijn, leeft met ons hier en nu’. Hoe langer wij de dood negeren, des te groter worden de angst en onzekerheid die ons achtervolgen. Hoe meer wij aan deze angst proberen te ontkomen, des te monsterlijker wordt hij. De dood is een onmetelijk mysterie, maar er zijn twee dingen die we erover kunnen zeggen: Het is absoluut zeker dat we zullen sterven, en het is onzeker wanneer of hoe we zullen sterven. Deenige zekerheid die we hebben, is dus deze onzekerheid over het uur van onze dood, en we grijpen dit als exuus aan om een direct onder ogen zien van de dood uit te stellen. We zijn net kinderen die bij het verstoppertje spelen hn handen voor hun ogen houden en denken dat niemand hen kan zien. Waarom leven we in zo’n angst voor de dood? Omdat het onze instinctieve wens is te leven en te blijven leven en we de dood zien als een wreed einde van alles wat ons vertrouwd is. We hebben het gevoel dat als we sterven in iets geheel onbekends gestort worden, of een compleet ander iemand worden, en dat we verloren en verbijsterd zullen zijn in een beangstigend vreemde omgeving. We stellen het ons voor als angstig en alleen wakker worden in een vreemd land, waar we taal noh tong kennen, zonder geld, zonder contacten, zonder paspoort, zonder vrienden........... Misschien is de eigenlijke reden van onze angst voor de dood het feit dat we niet weten wie we zijn. We geloven in een persoonlijke , unieke,en afzonderlijke identiteit, maar als we de moed opbrengen om deze identiteit te onderzoeken, merken we dat die volledig afhankelijk is van een eindeloze verzameling dingen: onze naam,onze ‘biografie’, onze partners,, familie,huis, baan, vrienden, bankpasjes........... Op hun broze en vergankelijke steun baseren wij onze zekerheid. Als nu al deze dingen van ons afgenomen worden, hebben we dan nog enig idee wie we werkelijk ZIJN ?
warme groet jeltje