Posts tonen met het label derkse. Alle posts tonen
Posts tonen met het label derkse. Alle posts tonen

zaterdag 8 februari 2014

iets dood durven laten gaan

Het toelaten en vervolgens binnengaan van onze angst is als het spreekwoordelijke pellen van een ui. Eerst nemen we de ui van onze angst werkelijk in onze handen. Er zit een schil omheen, de schil van onze meningen en weerstand tegen onze angst. Het aanvaarden en zien van de angst zijn onze pellende handen. De tranen komen vanzelf als de schil weggenomen is. De ui toont zich en we kunnen verder gaan en dichter en dichter bij de kern komen. Een kern zonder pit. Wat we overhouden is tranende ogen en ruimte. Onze angst is een deur naar ruimte. Wat ik midden in de angst in mijzelf, en ook bij de mensen die ik op mijn pad ontmoeten mocht, ervaren heb, is zowel een dringende behoefte aan ruimte én een wijze gevoeligheid voor hoe wij tot nieuwe levensruimte kunnen komen. Onze angst is een realistische angst, namelijk om niet aan leven toe te komen. Een angst om op een dag zomaar ongezien en ongeliefd te moeten verdwijnen en te moeten zeggen: 'Ik heb niet geleefd, ik heb MIJN leven niet geleefd. Ik heb niet ontdekt wat het betekent om geliefd te zijn en al mijn liefde te mogen geven aan een mens of mensen die mijn liefde willen ontvangen.' Die angst is werkelijk een gegronde angst. Want het gebeurt miljoenen mensen. Het gaat erom de angst te verwelkomen om ons vervolgens door de levenskracht, die in zijn lege kern aanwezig is, te laten aanspreken. Deze overweldigende behoefte om (voluit) te leven kan maar op één moment tot uitdrukking komen. En wel op het enige moment dat er te leven valt: NU. Het is een dringende innerlijke (op)roep, een appèl van onze eigen essentiële natuur aan ons bewustzijn, ons 'ik' in deze wereld, om tot die essentie terug te keren en vanuit onze echtheid te leven. Deze roep (onze roeping) omvat het verlangen te kennen en gekend te worden, lief te hebben en geliefd te worden. Marcel Derkse
Warme groet Jeltje

vrijdag 31 januari 2014

angst voor en ruimte voor het sterven

Onze inzet om de dood te willen overwinnen door hem te negeren en tegelijkertijd aan het leven hier een eeuwigheidswaarde te geven alsof het nooit voorbij gaat, is groots en meeslepend. Een inzet die maakt dat wij ons vasthouden, zo niet vastklampen, aan al datgene wat komt en gaat. En gek genoeg is het juist die ontkenning van onze tijdelijkheid die de haast veroorzaakt waarmee wij door ons leven heen rennen, van geboorte recht op onze dood af. Alsof het niet snel genoeg kan gaan.. Merkwaardige wezens zijn wij toch. Waarom zouden wij oud moeten worden omdat ons lichaam oud wordt? Mijn vrienden Salvijn en Sefic Can werden ruim in de negentig. Ik heb hen jonger zien worden in plaats van ouder. Ooit ontmoette ik Kathleen Raine in haar huis in Londen. Zij was al ver in de tachtig. Ik werd getroffen door de speelse jongheid die ze uitstraalde. Oud worden is niet per se van onze geest; het is ons lichaam dat oud wordt en sterft. Bij onze geboorte maande een bescheiden tik ons hier aan te komen en onze eerste adem te halen. Op het moment van onze dood geven we onze laatste adem. De levenscirkel hier is rond. In feite herhalen wij deze beweging tussen geboorte en dood bij elke ademhaling opnieuw. Elke dag opnieuw is er zodra we wakker worden de gelegenheid voor een eerste bewuste adem en kunnen we in de avond in ons bed bewust ademen tot de slaap ons meeneemt. Hoe meer wij ons daarvan bewust zijn en in dit bewustzijn opstaan, naar bed gaan, ademen, hoe meer wij ontwaken voor leven, voor ons leven, voor ons leven zoals het geleefd wil worden. Geboorte betekent evengoed sterven, als sterven geboren worden betekent. Bij de geboorte laten wij een veilige wereld los. Wat laten wij los bij ons sterven? Marcel Derkse
Warme groet Jeltje

woensdag 29 januari 2014

afscheid nemen en aanvaarden/ Marcel Derkse

Elk van ons is en wordt geconfronteerd met het sterven van geliefden. Hoe vaak is dit sterven niet tegelijkertijd een confrontatie met wat wij als onaf ervaren, met wat wij nog hadden willen zeggen, hadden willen doen, voor wat is blijven liggen tussen ons en die ander? Soms ook doet de dood van een geliefde ons zelf verlangen naar de dood. Als wij sterk met die ander verbonden waren, is de dood van die ander, naast het diepe verdriet zelf, ook nog eens een grote confrontatie met onszelf en met de betekenis van die ander voor wie wij zelf zijn. De dood komt op zijn eigen moment en zelden verwacht, en wordt al even zelden in vrede ontvangen. Zelfs als iemand al een tijd ziek is, of op hoge leeftijd en verzwakt, staat in de annonce iets vermeld als 'toch nog onverwacht van ons heengegaan'. De dood is vooral dan welkom als zij de verlosser is van een pijn die niet meer te dragen is. Of op hoge leeftijd, wanneer het 'genoeg' is geweest. De dood echter kan ook een bron van liefde en levenslust zijn, ook wanneer wij nog midden in het leven staan en nog niet aan hem toe zijn. Het is mogelijk, hoe paradoxaal het ook klinkt, vandaag gereed te zijn te sterven, juist omdat wij voluit leven. Omdat wij vandaag gereed zijn om te gaan en het volgende moment niet als vanzelfsprekend nemen, kunnen wij ten volle leven. Er is weliswaar nog veel te leven en te leren en te willen, en toch zijn wij onszelf 'genoeg' en is het leven zoals het is, ons ook genoeg. Wij scheppen, en hebben er genoegen in. Er is niets meer te winnen of te verliezen, het is zoals het is. Deze dag kán de laatste dag zijn en die realiteit mag ook geleefd. Afscheid nemen van een moment, van een ontmoeting, van een ander mens, is makkelijker als er werkelijk geleefd is. Is het niet makkelijker afscheid te nemen van een geliefd mens, hoezeer het nog steeds tot verdriet stemt, wanneer onze relatie met die ander liefderijk is, en 'genoeg'? Waarom zou dit anders zijn als het om onszelf gaat? Marcel Derkse
warme groet Jeltje

woensdag 22 januari 2014

Prachtig moment met de dood/ Marcel Derkse

PRACHTIG MOMENT MET DE DOOD Enige tijd geleden was een vriend stervend. Hij en zijn partner vroegen mij hen naar dit moment van afscheid toe te begeleiden. Dat raakte mij diep. Een mengeling van gevoelens ging door mij heen. Ik voelde mij intens dankbaar dat zij mij dit vertrouwen gaven en tegelijkertijd was ik bang dat ik zou falen om hen de troost en bedding te geven die zij nodig hadden. Onderweg naar hen toe zag ik de vijf kinderen van mijn vriend voor me en stelde mij het intense verdriet voor dat in hun leven was binnengedrongen. Hoe kon ik te midden van die rauwheid ook maar enige troost bieden? Ik liet het los daar een antwoord op te vinden en besloot met hen te zijn, met niets meer dan mijn aanwezigheid, liefde en met de pijn die ik zelf ook voelde. Ik kan de ogen van mijn vriend nog helder voor mij zien. Het was een intens pijnlijke ervaring voor hemzelf, voor zijn geliefde en zijn vijf kinderen om uiteen te moeten gaan, te jong, te snel, te ruw. Maar ik heb meer gezien dan de pijn en de paniek in zijn ogen. Ik heb ook het moment van zijn overgave mogen zien, de verzachting, de zo zuivere liefde en hoop voor zijn vrouw, voor zijn kinderen. Kort na de dood van mijn vriend vertelde zijn vrouw: 'Zijn dood was een prachtig moment. Hij kon het leven loslaten en gaan. Wij konden hem loslaten en laten gaan. Hij kon in mijn armen sterven en ik kon hem laten sterven. Ik heb gezien dat het net als bij geboren worden, hard werken is om te sterven.' Zijn gang naar het sterven en de volheid waarin hij dit heeft aangedurfd, heeft veel leven teweeggebracht bij hen die bij hem waren, en ook veel leven nagelaten. Sterven confronteert ons met vragen over de kwaliteit van ons leven, maakt het gerommel in de marge zichtbaar en brengt in zicht waar het waarachtig om gaat. Leven betekent ieder moment een geboorte en ieder moment een sterven. Ieder moment worden cellen geboren en sterven er cellen in ons lichaam. Ieder nieuw moment betekent de dood van een oud moment. Iedere ontmoeting nú vraagt om het loslaten, het laten gaan, van een voorbije ontmoeting. Leven is het gevolg van iets durven laten sterven. Marcel Derkse
warme groet Jeltje

zaterdag 11 januari 2014

verwondering en verbijstering/ marcel derkse

VERWONDERING EN VERBIJSTERING Verwondering is de mooie zijde van 'het toeval' als het gaat om een gebeurtenis die ons verblijdt en verrast. Wij zullen ons niet verwonderen als onze wereld ineenstort en wij met iets geconfronteerd worden wat ons diep en pijnlijk treft. Wanneer ons of een ander iets gebeurt dat 'onvoorstelbaar' lijkt, dat (veel) pijn teweegbrengt en ons hele leven door elkaar schudt, is het niet meer een 'wonder' dat ons gebeurt, maar een wond. Wij spreken niet meer van verwondering maar van verbijstering en wellicht zelfs verscheuring. Zowel door verwondering als door verbijstering, maakt 'het toeval' onze breekbaarheid en kwetsbaarheid zichtbaar. Met geen verzekering en bezit kunnen wij ons tegen die breekbaarheid en kwetsbaarheid beschermen. We zijn kwetsbaar en ons leven in deze gestalte, is tijdelijk. Vroeg of laat sterft deze gestalte, zoals deze op een dag geboren is. Anderen om ons heen sterven, geliefden sterven - daar is niets aan te doen. Er zijn vele generaties voor ons geweest en er zullen er nog vele volgen. In het sterfelijke weerspiegelt zich het onsterfelijke en wordt daarin zichtbaar. Zoals in wat gebroken het hele gezien kan worden. Of wij, voor het moment van de onvermijdelijke dood, geleefd hebben of niet, en of wij zijn doorgedrongen tot wie wij werkelijk zijn, is de opgave van ons bestaan. De aanwijzingen vinden we precies waar wij zijn, onder onze voeten, midden in onze innerlijke en uiterlijke realiteit. Daar vinden we de geheime doorgang naar de essentiële wereld die altijd is, altijd geweest is en altijd zal zijn. Marcel Derkse
warme groet