Spirituele stervensbegeleiding. U mag hier stukjes verwachten die daar mee te maken hebben,uit eigen ervaring en stukjes die me aanspreken. De wind die raast zal een veer laten zweven, een veer die geen weerstand kent wordt hierdoor verplaatst. Onze gedachten los laten en zijn zoals een veer, zal ons doen zweven, we zullen hierdoor de schatkamers kunnen binnen treden van innerlijke rust.
Posts tonen met het label levine. Alle posts tonen
Posts tonen met het label levine. Alle posts tonen
woensdag 7 december 2016
Het verzoek, Levine.
Een vriendin van me deed me op een bepaald moment het verzoek of ik haar moeder, die lag te sterven aan kanker, een bezoek wilde brengen omdat ze het gevoel had dat ze heel gauw zou komen te overlijden en dacht dat een ontmoeting met mij haar goed zou doen.
Toen ik de kamer binnenkwam, ontmoetten de heldere ogen van haar moeder de mijne met een warme glimlach en een gevoel van kalmte en rust. Kennelijk was ik daar niet om de moeder te helpen, maar om de angst van haar dochters, die zich in de deuropening verdrongen, weg te nemen, omdat ze zelf in het reine moesten komen met het op handen zijnde sterven van hun moeder.
Toen ze het erover had dat ze net uit het ziekenhuis was teruggekomen en dat de doktoren hadden gezegd dat het vermoedelijk de laatste keer was geweest, was het duidelijk dat ze zich praktisch niet meer met haar lichaam identificeerde, terwijl ze met de paar lokken grijze haren lag te spelen die ze na de chemoteherapie nog over had. Ze had volledig aanvaard dat haar lichaam lag weg te teren. Ik had het gevoel dat ik maar heel weinig voor haar hoefde te doen.
Toen ik op het punt stond om weg te gaan, vroeg ik of er misschien iets was dat de openheid die ze kennelijk zo duidelijk bezat in de weg stond. Ze zei dat ze zich redelijk goed voelde, soms alleen een beetje ontredderd, een beetje in de war en dat ze geen idee had waar dat aan lag. Dit kon natuurlijk best het gevolg zijn van de verandering van voeding, van het gewichtsverlies, van de giftige stoffen in haar lichaam of van een aantal bij-factoren van haar ziektebeeld. Maar ik had het gevoel dat het ook wel eens het gevolg kon zijn van de zeer sterke pijnstillende middelen die haar volgens haar dochters door de dokter werden toegediend. Ze zei dat ze eigenlijk haast geen pijn had, maar dat de doktoren hadden gezegd dat het allemaal toch al moeilijk genoeg was en dat ze zo tenminste niet ook nog pijn hoefde te lijden.
Ze hadden haar een relatief hoge dosis van een bepaald pijnstillend middel gegeven, dat ze met de regelmaat van de klok moest innemen. we hadden het er kort over hoe zich daarna voelde en ik stelde voor dat ze de dosis misschien wel eens zou kunnen verminderen om te kijken of er inderdaad een bepaalde grens was waar er geen verlies van helderheid zou optreden, terwijl ze toch de pijn nog onder controle had. Een punt waarop de pijn niet merkbaar zou toenemen, maar waarop ze ook in staat zou zijn om haar helderheid van geest te behouden. Het was een zeer delicaat evenwicht, maar ze kon het naar eigen believen proberen en kijken hoe het voelde.
Terwijl ik haar op deze mogelijkheid opmerkzaam maakte, ging ik bij mezelf na of ik wilde dat er een verandering in haar toestand zou optreden, of ik een of ander motief kon bedenken waarom ik haar iets wilde 'verkopen', waarvan ik dacht dat het het beste voor haar zou zijn. Maar ik vond helemaal niet dat ze zo nodig iets 'moest' doen. Het was werkelijk bedoeld als een alternatief, waarvan ze zelf al dan niet gebruik kon maken.
Haar dochter vertelde me dat haar moeder de volgende dag de dosis had verminderd en in een paar uur tijds merkte dat de pijn weliswaar toenam, maar dat ze eveneens veel helderder van geest was. En dat ze een paar dagen later op haar eigen manier was gestorven, helder van geest, omgeven door haar familie, in staat om op een directe en liefhebbende manier afscheid te nemen. Ze stierf als iemand uit één stuk, die de verantwoordelijkheid voor zijn leven op zich neemt vanuit een gevoel van liefde voor zichzelf en voor anderen.
Stephen Levine
Warme groet Jeltje
woensdag 18 december 2013
oorspronkelijk
Wanneer we onze oude gedachten, waarnemingen, modellen en concepten beginnen los te laten, lost de hele wereld op en verschijnt tegelijk van moment tot moment een nieuwe wereld op het projectiescherm van het bewustzijn. Niet langer de oude versleten film waaraan we gewend zijn geraakt, die slecht gelijkende kopie van de waarheid.
En hoewel we in eerste instantie het verlies ervan, het verlies van het vertrouwde betreuren, laten we de bedrieglijke veiligheid en de pijn die ons veronderstelde territorium van 'ons' lichaam en 'onze' geest bepaalden los. En naarmate we meer en meer loslaten en openstaan voor het 'ik weet het niet', verschijnt het nieuwe aan de horizon - niet langer zijn of worden we iets of iemand, we hebben eenvoudigweg deel aan de totaliteit van het Zijn.
Wanneer we alles waarvan we veronderstelden dat wij dat waren laten sterven, zien we alles in zijn wezenlijke, vergankelijke natuur. We ervaren de oppervlakkigheid van het afgescheiden zelf waaraan we ons zolang vastgeklampt hebben. We herkennen de ware aard van deze droom-gelijke gescheidenheid en beseffen dat er in werkelijkheid niet iemand is die sterf, dat het alleen de illusie van een afgescheiden identiteit is die keer op keer herboren wordt. Wanneer dan eenzaamheid, onzekerheid of angst zich aandient, herkennen we die als de projecties die ons van incarnatie tot incarnatie hebben gevoerd. We zien het komen en gaan van de dingen.
Dan respecteren we de dood van het fysieke lichaam als een uitgelezen gelegenheid om de relativiteit van alles wat we veronderstelden solide te zijn te herkennen. Te herkennen dat wij niet dat lichaam en die geest die we meenden te zijn, zijn.
Niet langer vechten lichaam en geest om zichzelf te beschermen. Onze permanente strijd voor bevrediging creert en bevestigt een persoonlijke identiteit immer op zoek naar bevrediging. Het loslaten van die identiteit opent de blik voor onze onderliggende natuur, de diepgaande bevrediging van niemand te zijn, niemand die behoefte heeft aan welke bescherming ook.
Stephen Levine
warme groet Jeltje
woensdag 11 december 2013
geen spoor nalaten
Wanneer we de overvloed aan spirituele literatuur beschouwen, de biografieën van heiligen, de aan het sterven gewijde spreuken uit de Zen-traditie, de verhalen van Roshi's met hun onuitputtelijke humor en het gemak waarmee zij stierven, zien we keer op keer voorbeelden van mensen die 'bewust' stierven, hun lichaam in eerbied hielden maar er geen moeite mee hadden het achter zich te laten, die hun zaken van moment tot moment al op orde hadden gesteld; die zoals Suzuki-roshi het omschreef: "Hun leven leefden zonder een spoor na te laten."
Het is dit 'geen spoor nalaten', het afhandelen van alles op het moment dat het opduikt, dat het mogelijk maakt het lichaam te verlaten of iedere nacht te gaan slapen met dezelfde gelijkmoedigheid en in de wetenschap dat er niets te doen valt, dat er niets is dat niet gedaan is? Hierop aan sluit een andere uitspraak van Suzuki-roshi: "Zelfs als de zon in het westen zou opkomen, kent de bodhisattva (de wijze die zich dienstbaar opstelt jegens allen) slechts één weg."
Basho, de grote Japanse dichter, schreef: "Van de vroegste tijd af was het de gewoonte om een doodslied achter te laten en misschien zou ik hetzelfde moeten doen. Maar ieder ogenblik van het leven is het laatste, ieder gedicht is een doodslied! Waarom zou ik er dan op dit moment een schrijven? In deze, mijn laatste uren heb ik geen gedicht." Precies als toen meester Ta-kuan stierf en zijn leerlingen hem vroegen een laatste gedicht te schrijven en hij weigerde. Toen zij er op aan bleven dringen, schreef hij het Japanse karakter voor 'droom' neer, en stierf het volgende moment.
Wanneer we zulke verhalen horen, zijn we bang dat wij deze mate van bewustwording, deze ruimte om binnen te kunnen sterven, nooit zullen kunnen realiseren, maar dat is niet wat ik om me heen gezien heb. en zie. Vaak brengt juist de dood het beste in ons naar boven. Bij velen komt een levenslang hunkeren naar de waarheid op dat moment naar buiten.
Stephen Levine
warme groet Jeltje
donderdag 28 november 2013
Mevr.Sylvan
Een paar jaar geleden belde een vriend mij vanuit het ziekenhuis op om te zeggen dat de ziekte van zijn moeder plotseling veel erger was geworden en de dokter hem verteld had dat hij zich diende voor te bereiden op de komende dood. Hij vroeg mij: "Zal ik haar meenemen naar haar eigen huis om daar te sterven? Of zal dat de pijn en het verdriet voor de andere gezinsleden alleen nog maar groter maken?" Terwijl we er samen even over spraken werd het al snel duidelijk dat de meest geschikte plaats haar eigen bed zou zijn, waar ze zou kunnen sterven omringd door mensen die van haar hielden en te midden van de vertrouwde omgeving van haar eigen huis.
De volgende dag bracht hij zijn moeder thuis om daar te sterven. Iedereen in de buurt 'wist' dat mevrouw Sylvan 'boven lag te sterven'.
De eerste dagen kwam er zo nu en dan een buurvrouw aan de deur om een door haar klaargemaakte maaltijd te brengen of een ander als ondersteuning bedoeld geschenk, om de andere gezinsleden 'sterkte te wensen' en een verstolen blik naar binnen te werpen in wat de bezoekers veronderstelden een mistroostige, treurende lugubere omgeving te zijn. Iedere keer echter dat iemand iets kwam brengen werd hij of zij in plaats van met zwaarmoedigheid begroet door warmte en vriendelijkheid van de kant van de echtgenoot, zoons en de aanwezige verpleegster, die allen wel enigszins vermoeid leken maar verder volkomen vrede hadden met alles.
Naarmate de weken voorbij gingen, leken de buurtbewoners meer en meer aangetrokken te worden door het huis waar de stervende lag.
Na enige tijd durfden zij verder te komen dan de deurmat en toen zij de woonkamer van het huis betraden ervoeren ze een totaal andere sfeer dan ze verwacht hadden. Ze ervoeren een warmte, mededogen en vredigheid die ze daarvoor bij dit gezin nog nooit ervaren hadden. En geleidelijk aan representeerde dit huis voor de andere buurtbewoners niet langer dood en ellende, maar liefde en zorgzaamheid.
Mevrouw Sylvan stierf tenslotte in totale vrede en omgeven door zorgzaamheid en liefde.
Stephen Levine
Warme groet Jeltje
zondag 24 november 2013
dromen en waken afsluiting
In vele culturen, en ook door mensen die klinisch dood waren verklaard maar toch weer terugkeerden naar het leven, wordt gezegd dat het feitelijke stervensproces op zich niet onplezierig of zelfs maar beangstigend is.
Iemand zei dat het was alsof je een knellende schoen uittrekt. Het moment van sterven biedt een unieke mogelijkheid. Op dat moment, waarop we het lichaam laten vallen, kunnen we zien hoe het bewustzijn de wereld vormt. De wereld is in ons, wij zijn niet in de wereld. Het bewustzijn is verslaafd aan en bepaald door zijn zien, horen, ruiken, tasten, proeven en denken.
Nu echter vind je je terug zonder lichaam, ogen, oren en neus, maar de vergelijkbare zintuiglijke ervaringen zijn er nog wel. Er is een overeenkomst met de slaap. Ook als je slaapt, zie je niet met je ogen, hoor je niet met je oren, ruik je niet met je neus; en tegelijk heeft het bewustzijn soortgelijke zintuiglijke ervaringen. Sommige dromen zijn zelfs zo invloedrijk dat ze ons leven fundamenteel veranderen. Sterven biedt dus de mogelijkheid tot het herkennen van de immensheid van het licht van onze oorspronkelijke natuur.
'Wat je nu vindt, dat zul je ook dan vinden'. Des te meer problemen je hebt met je nu open te stellen voor dat licht, des te zwaarder zal het je vallen na je dood in de open armen van Jezus of het mededogen van Boeddha - zo die zullen verschijnen - beschutting te vinden.
Stephen Levine
warme groet Jeltje
vrijdag 22 november 2013
dromen en waken 1
Datgene dat nu wat wij de dood noemen het lichaam verlaat wordt door sommigen de 'ziel' genoemd, door anderen het 'bewuste element van ons' of de 'karmische bundel'. Hoe je het echter ook noemt, het gaat erom dat je je daarop concentreert. En herkent, met hoeveel 'ik weet het niet' dat ook gepaard gaat, dat er een zekere continuïteit lijkt te zijn, niet van een 'iemand' maar van energie waaruit de mentale constructie van die 'iemand' ooit ontstaan was. Zolang er nog enige mentale projectie resteert voor eventuele incarnatie, zal dat ook gebeuren.
Wanneer je slaapt, zegt het slaapbewustzijn dat de waaktoestand een inbeelding is en alleen de slaaptoestand werkelijkheid. Wanneer we echter ontwaken, kijken we terug op dromen van de afgelopen nacht en zeggen: 'Dit is de werkelijkheid, niet die dromen.' Wanneer we echter beide herkennen als voorbijgaande droomstaten, kunnen we beide ervaren als zich ontvouwende processen en de 'ik' die de werkelijkheid gevangen houdt, loslaten.
De ervaring is alleen maar zo reëel als jij jezelf veronderstelt reëel te zijn. Als je je bewustzijnsinhouden nader onderzoekt, zul je de oorsprong van het bewustzijn op het spoor komen. Dan ervaar je direct, uit eerste hand datgene waaruit de idee van 'ik', van 'iemand' die sterft, geboren wordt en eventueel verlicht kan worden, ontstaat. In die vergelijking verbleekt dat 'ik' en vormt het slechts een luchtbelletje te midden van de immensheid van de waarheid.
Stephen Levine
warme groet Jeltje
zaterdag 16 november 2013
Zien wat is
Hoe reageer je nu op situaties die ongewoon of beangstigend zijn. Probeer je open te staan voor een waarachtige ervaring van het huidige ogenblik of geeft je lichaam het alarmsignaal, zoekt het zijn toevlucht in fysieke spanning en probeert je geest op dwangmatige manier aan het heden te ontsnappen?
Loop je hard weg voor een blaffende hond of laat je die hond niet de personificatie worden van al de angsten van een heel leven, maar alleen maar een hond zijn, iets waar je mee om weet te gaan?
In de mate waarin je nu beseft dat je eerder object van perceptie bent dan subject dat waarneemt, dat jij de ruimte bent waarin de gebeurtenissen van dit ogenblik zich afspelen, in die mate zul je ook later over die ruimtelijkheid beschikken.
Voortdurend vertaalt het bewustzijn amorfe werkelijkheid in hanteerbare, welbegrensde massa zodat we die werkelijkheid kunnen aanraken, ruiken, proeven en voelen; in plaats daarvan ruiken, proeven en voelen we onszelf. we kunnen iemand anders nauwelijks nog in de ogen kijken zonder dat het bewustzijn een zelfbeschermend filter over de realiteit van het huidige ogenblik aanbrengt.
Stephen Levine
warme groet Jeltje
donderdag 14 november 2013
openen van/voor het licht
Vraag: Ik heb in de boeken van Raymond Moody, Elisabeth Kübler Ross en anderen die handelen over de ervaringen van mensen nadat ze gestorven zijn gelezen dat die mensen hun lichaam verlaten en dan een wezen van stralend licht ontmoeten.
Geldt dat voor iedereen, dat je dan Boeddha ontmoet of Jezus, of welke personificatie van de Ziel dan ook waar de betrokkene de voorkeur aan geeft?
Antwoord: Je moet bedenken dat deze zogenaamde klinische ervaringen betrekking hebben op de eerste fase van het stervensproces. Wat je de eerste ronde na de dood zou kunnen noemen. In het Tibetaans Dodenboek wordt beschreven dat na die eerste ontmoeting met de stralende lichtverschijning, indien je niet in staat bent jezelf volledig over te geven aan dat licht en ermee te versmelten, dan het licht uiteenvalt in zijn talloze samenstellende componenten, vergelijkbaar met het prisma-effect, en de verschillende projecties en identificaties die dualiteit creëren zich eens te meer bevestigen.
De glanzende stilte wordt dan verstoord door oude bewustzijnsinhouden, zoals het gladde stralende oppervlak van een meertje verstoord wordt door dieren die naar het oppervlak zwemmen. Vervolgens wordt beschreven hoe je daarna een volgend proces van zuivering kunt doormaken, een hernieuwde ontmoeting met je bewustzijn die overgave mogelijk maakt en obstakels kan veranderen in bondgenoten, een permanente mogelijkheid om al die oude imprints tegemoet te treden met wijsheid en liefde.
Stephen Levine
Warme groet Jeltje
zondag 10 november 2013
de woede-fase 1
De woede-fase is een fase waar iedereen wel vertrouwd mee is. Het is een vast onderdeel van de confrontatie met de waarheid, het beangstigende je openstellen voor de werkelijkheid. "Verdomme, het is waar, maar waarom moet het zo pijnlijk zijn?" Je moet woede niet veroordelen, enkel herkennen en ervoor openstaan.
Vaak gaan de dingen niet zoals we wel gewenst hadden. Verlangens worden niet bevredigd en uit die frustratie ontstaat woede, angst en spanning. "Waarom moet ik sterven, en die smeerlap van de overkant niet? Hij doet niets aan zijn tuin, hij schreeuwt tegen zijn kinderen, hij belazert de belastingen. Waarom ik dan wel?"
En soms is er de woede jegens God. "Hoe kunt U mij dit nu aandoen? Ik heb me toch voorbeeldig gedragen? Ik ga naar de kerk. Ik geef altijd aan de collecte. Ik ben toch een goed mens. Ik ben zelfs actief in een groep voor stervensbegeleiding. Waarom overkomt mij dit? Het is onredelijk." Maar terwijl we tekeergaan tegen God over 'zulke onrechtvaardigheid', hoe vaak danken we hem voor zijn vrijgevigheid die we iedere keer mogen ervaren?
Woede is de resultante van dat gevoel van machteloosheid dat er altijd is en op dat moment toegespitst wordt. "Waarom is het zo verdomde moeilijk? Waarom kent het leven zoveel verwarring en frustratie." De machteloze woede van een heel leven. Woede is zo pijnlijk en maakt dat je je zo alleen voelt. Iemand bijstaan die tot razernij is gebracht door de 'oneerlijkheid van alles' vereist innerlijke zachtheid, een toegeven aan je eigen frustraties, het creëren van een open ruimte waarin die razende storm zichzelf kan verliezen. Dat betekent dus werken aan jezelf.
Stephen Levine
Lieve warme groet Jeltje
donderdag 7 november 2013
stadia van sterven afsluiting.
Iedereen belandt klaarblijkelijk op het punt waarop hij uit het lichaam verdwijnt en het lichaam wel moet achterlaten. Iedereen doet de ervaring op dat de elementen weer opgaan in hun oorspronkelijke staat van energie. De afzonderlijke hoedanigheden van vastheid, vloeibaarheid, temperatuur en stromende beweging overheersen niet langer en er is alleen nog sprake van het vrij rondzwevende bewustzijn.
Enkele ogenblikken lang straalt het Bewustzijn helderder dan duizend zonnen bij elkaar en dan is er nog slechts de ervaring van de ene werkelijkheid waaruit de hele schepping is ontstaan. De duur van die ervaring van licht schijnt van mens tot mens te verschillen. Dit is misschien afhankelijk van de bereidheid om jezelf open te stellen voor de waarheid, het vertrouwen en de eerbied die je koestert voor je oorspronkelijke aard.
Dit is slechts een voorstelling in een notedop van het ogenblik waarop je sterft, maar volgens de leerstellingen van de verschillende religies en geloofsovertuigingen is dit nog maar het eerste deel van het proces voordat de onbewuste neigingen zich opnieuw hebben hersteld en zich verenigen om even zovele rijken na de dood te scheppen als de geest voor het sterven had geschapen.
Toen hij iets vernam over dit steeds verder voortschrijdende proces, vroeg iemand: "Bestaan die rijken na de dood dan echt?" Waarop iemand anders antwoordde: "Ze zijn net zo werkelijk als jijzelf. Maar niet werkelijker! In feite zijn ze alleen maar zo werkelijk als jij denkt dat jij dat bent."
Een heleboel mensen vinden het nuttig om te 'oefenen' in sterven. Ik heb met verschillende mensen de ervaringen die tijdens het stervensproces zouden kunnen optreden gerepeteerd, zodat zij ze helder en liefdevol tegemoet zouden kunnen treden. Zo'n repetitie moet natuurlijk uitgevoerd worden met de lichtheid van 'het juiste van de zaak niet weten', zodat je geen programma opstelt voor wat er later zou moeten gebeuren.
Onze benadering van wat we u hier voorleggen is tegenover het leven hetzelfde als tegenover de dood: het is een erkenning, een opening, een loslaten. Leren sterven is leren oplossen voorbij de dingen die je op dit moment zou willen vasthouden, je onbevooroordeeld openstellen voor wat er gaat volgen, zonder dat je je ergens aan vastklampt. Wij leren iedere dag, elk ogenblik om te sterven: om op te lossen in de oceaan van het zuivere Zijn.
Stephen Levine
warme groet Jeltje
zondag 3 november 2013
stadia van sterven 4
Men zal hebben opgemerkt dat elk stadium gepaard gaat met minder vastheid, dat de grenzen steeds onbepaalder worden; dat men minder impulsen van buitenaf ontvangt en dat er een steeds toenemend gevoel van onbegrensdheid ontstaat. De dood of het stervensproces schijnt vergezeld te gaan van een gevoel van zich uitbreiden tot buiten de grenzen van het zelf, van een losmaken van de vorm, van een versmelten in het niet nader bepaalbare.
Maar stel je nu eens voor dat je je tegen deze losmaking verzet, tegen dit gevoel van het wegsmelten van de grenzen. Stel je eens voor dat je de soliditeit probeert vast te houden, terwijl deze bezig is te versmelten tot vloeibaarheid. Dat je probeert je tegen de vloeibaarheid te verzetten, dat je teruggrijpt naar vastigheid om daarbij alleen maar te ervaren dat je steeds vloeibaarder wordt en dat die vloeibaarheid geleidelijk aan overgaat in het vuurelement.
Dat je voelt hoe de lichaamstemperatuur afkoelt en dat je naarmate de warmte meer en meer afneemt, versmelt in de uitgestrekte ruimte van het lucht-element. Dat die energie zich steeds verder uitbreidt en oplost in het bewustzijn zelf.
Stel je eens voor dat je je tegen al die dingen te weer stelt, dat je probeert om dit steeds verder voortschrijdende proces tegen te gaan. Als je erin meegaat, als je je er steeds verder voor openstelt, ervaar je een steeds verder voortschrijdende uitdijing, een wegsmelten uit de vastheid, een oplossen in de werkelijkheid die daaraan ten grondslag ligt. Stel je eens voor dat je je probeert vast te klampen aan datgene wat aan het wegsmelten is. Misschien is dat wel wat sommige mensen het vagevuur noemen. Het je op een helse manier verzetten tegen het volgende stadium van ontplooiing, een verzet tegen datgene wat werkelijk aanwezig is.
Stephen Levine
Warme groet Jeltje
vrijdag 1 november 2013
stadia van sterven 3
Als de dood het aarde-element nadert begint het gevoel van soliditeit en hardheid van het lichaam weg te smelten. Het lichaam lijkt erg zwaar te worden. De grenzen van het lichaam, de buitenkant, zijn minder duidelijk bepaald. Het gevoel dat men zich echt 'in' het lichaam bevindt is niet meer zo sterk aanwezig. Men wordt minder gevoelig voor indrukken en gevoelens. Men kan zijn ledematen niet langer naar believen bewegen. De peristaltische beweging van de darmen wordt trager, de darmen functioneren niet meer zonder hulp van buitenaf. De organen sluiten zich, gaan dicht.
Naarmate het aarde-element steeds meer overgaat in het water-element bespeurt men een mate van vloeibaarheid, van vervloeien, want de vastheid waardoor de identificatie met het lichaam altijd is versterkt, begint weg te vallen, begint te smelten en veroorzaakt een gevoel van vloeibaarheid.
Naarmate het water-element begint over te gaan in het vuur-element, gaat het gevoel van vloeibaarheid over in dat van een warme mist. De lichaamssappen gaan trager vloeien, de mond en de ogen worden droog, de bloedcirculatie wordt trager, de bloeddruk wordt een stuk lager. Als het bloed dikker wordt en de bloedcirculatie uiteindelijk ophoudt, komt het bloed in de uiteinden van de ledematen tot stilstand. Er ontstaat een gevoel van lichtheid.
Als het vuur-element overgaat in het lucht-element, verdwijnen de gevoelens van warmte en kou, lichamelijk gemak en lichamelijke ongemakken hebben geen betekenis meer. De lichaamstemperatuur daalt, tot deze een punt bereikt waarop het lichaam koud en bleek van kleur wordt. De spijsvertering komt tot stilstand. Het overheersende gevoel is er een van lichtheid, als van een opstijgende hitte. Een gevoel van overgaan in een steeds subtieler wordende grenzeloosheid.
Als het vuur-element zich oplost in het Bewustzijn zelf treedt er een gevoel van onbegrensdheid op. De uitademing neemt meer tijd in beslag dan de inademing en dijt uit in de ruimte. De lichamelijke vorm en de lichamelijke functies worden niet langer ervaren, er is alleen nog maar een gevoel van een zich snel en ver uitbreidende luchtigheid en vluchtigheid, een zich oplossen in het zuivere zijn.
Stephen Levine
Warme groet Jeltje
woensdag 30 oktober 2013
stadia van sterven 2
Dit innerlijke proces van zich losmaken uit het lichaam gaat gepaard met verschillende uiterlijke verschijnselen, die door de artsten worden herkend als het zich sluiten van de verschillende levensfuncties. Als de energie die de verschillende systemen bezielt zich terugtrekt, neemt de energie in die systemen steeds meer af. Het ene ogenblik is ze nog meetbaar, het volgende niet meer, hoewel het proces van zich terugtrekken blijkbaar nog steeds doorgaat.
Op deze meetbaarheid hebben wij ons idee van 'het moment waarop de dood intreedt' gebaseerd. Maar de dood treedt niet op een bepaald ogenblik op. Het is een geleidelijk proces, dat zich nog enige tijd voortzet, nadat de apparatuur al heeft aangegeven dat het een en ander niet meer kan meten. In feite is het zo dat de dood niet op een bepaald ogenblik is ingetreden, maar dat het instrumentarium niet langer in staat is om de mate waarin het leven nog aanwezig is te registreren.
Het stervensproces schijnt een zich uitbreiden te zijn voorbij de vormen waarbinnen alles altijd meetbaar is geweest. Het hierna volgende gedeelte is een soort scenario voor de lichamelijke ervaring van het sterven, dat is gebaseerd op de aloude opvatting dat het lichaam is samengesteld uit de vier elementen aarde, water, vuur en lucht, zoals die in de geconcentreerde opeenhoping van de vorm worden ervaren.
Stephen Levine
Warme groet Jeltje
zondag 27 oktober 2013
stadia van sterven 1
Over de ervaring van het sterven kunnen we eigenlijk alleen maar een aantal speculaties doen. In de Tibetaanse boeddhistische traditie heeft men echter rond de ervaring van het sterven een vrij aanzienlijke techniek ontwikkeld; door verschillende meditaties wordt iemand ertoe aangemoedigd zich met dit zo kostbare ogenblik vertrouwd te maken, om het sterven te beoefenen als een middel om tot een dieper inzicht te komen in al die dingen waardoor wij een verkeerde opvatting over het leven hebben gekregen. Een inzicht in de manier waarop wij de automatische, in wezen onpersoonlijke processen van de geest ten onrechte zijn gaan houden voor een afzonderlijk, afgescheiden zelf, iets dat we voor geen goud willen kwijtraken, iets dat we voor de dood zouden moeten behoeden.
Door deze meditaties krijgen we het gevoel dat de allesoverheersende lichamelijke ervaring bij het overgangsproces dat wij sterven noemen, eigenlijk niets anders is dan een proces van losmaken. We krijgen het gevoel dat het sterven niets anders is dan een versmelten, een oplossen, waarbij elk volgend stadium slechts een verdere uitbreiding vormt van het vorige. De grenzen worden steeds verder verlegd. Het uiterlijke en het innerlijke gaan steeds meer een eenheid vormen.
Sterven is een proces van zich geleidelijk aan terugtrekken. Uit de verschillende overleveringen blijkt dat het van twintig minuten tot een paar uur kan duren voor het bewustzijn zich volledig uit het lichaam heeft teruggetrokken.
Stephen Levine
Warme groet Jeltje
woensdag 23 oktober 2013
het Tibetaanse dodenboek 3
En toch zou de aantrekkingskracht of afkeer van deze beelden even groot zijn als die van de personificaties van de Tibetaanse monnik. Inderdaad is de taak voor beiden dezelfde: erkennen wat er op dit moment gebeurt, je daarvoor openstellen zonder de minste weerstand, zonder je ook maar in enigerlei opzicht ergens aan vast te klampen, zodat we zicht krijgen op wat er voorbij de fantasieën, doelstellingen en angsten van de geest ligt.
Het is jouw zelfbeeld wat voortbestaat na de dood. Als jij altijd jouzelf hebt vereenzelvigd met je lichaam, is het niet logisch om te veronderstellen dat de angst, de angst voor het uiteenvallen van het lichaam, plotseling verdwenen zal zijn op het moment van sterven.
Het is interessant om vast te stellen dat in met het Tibetaans Dodenboek vergelijkbare teksten van de meest uiteenlopende culturen ervan uitgegaan wordt dat zelfs na het verlaten van het lichaam angst voor de dood nog steeds het bepalende gegeven is.
Er nadert een demon of een tijger en jij probeert te ontsnappen, alsof nog steeds dit lichaam beschermd moet worden. Om welke andere reden zou je terugdeinzen voor een demon met roodomrande ogen die zwaaiend met een grote bijl op jou afkomt? Omdat we er nog steeds toe neigen ons te identificeren met ons lichaam, zelfs al hebben we niet langer een lichaam.
Iemand die zichzelf vereenzelvigt met zijn lichaam heeft veel te beschermen. Iemand die zich identificeert met de Geest, voelt zich echter niet bedreigd door een demon of tijger. Zijn op zich kan niet bedreigd worden; zelfbeelden veroorzaken angst en creëren iets dat beschermd moet worden.
Stephen Levine
Warme groet Jeltje
maandag 14 oktober 2013
het Tibetaanse dodenboek 2
Het is een methode om zwaarwegende emoties van hun allesbepalende gewicht te ontdoen. Wij zijn echter niet van jongsafaan vertrouwd gemaakt met zulke opgesierde personificaties. Ze hebben voor ons een andere verbeeldingswaarde dan bv voor een Tibetaanse monnik. Voor iemand uit het westen zouden deze eigenschappen misschien beter aangeduid kunnen worden als liefde, angst, jaloezie, of herkenning van onbewuste tendenties die altijd verwarring veroorzaakten, die altijd angst en zelfvertwijfeling versterkten.
Het je voortdurend bewust zijn van de inhouden van de geest, van je bewustzijnsstaten, van gevoelens en gedachten, bereikt hetzelfde als de personificaties van de Tibetaanse cultuur en is voor de westerse mens wellicht wel een directer methode.
En als onze geest na het verlaten van het lichaam inderdaad verder zou gaan met het creëren van een eigen wereld, als we inderdaad geconfronteerd zouden worden met alles waaraan wij ons gedurende ons leven vastklampten, in de vorm van projecties van een geest die nu niet langer afgeleid wordt door lichamelijke stimuli, dan zou het waarschijnlijker zijn dat we Moeder Theresa of een hulpvaardige vriend van vroeger zouden zien dan Avalokiteshvara.
En in plaats van een wraakzuchtige godheid zouden we woede waarschijnlijk gepersonifieerd zien in een oude vijand, in iets waarmee we tijdens ons leven niet afgerekend hadden.
Wijsheid zou waarschijnlijk gepersonifieerd worden in een of andere leraar die we gekend hadden, jaloezie in de geliefde die ons ooit afwees.
Stephen Levine
Warme groet Jeltje
vrijdag 11 oktober 2013
Het Tibetaanse dodenboek 1
Het Tibetaans Dodenboek is een verhandeling geschreven door en voor Tibetaanse monniken en vrome leken ter begeleiding van een levenslange voorbereiding op het moment van overgang dat wij de dood noemen. Het geschrift is bedoeld om je vertrouwd te maken met het onbekende en niet vertrouwde. Om op het moment van sterven in staat te zijn tot het aanwenden van bepaalde visualisatietechnieken.
Het is misschien wel het best bekende voorbeeld van de in talloze culturen bestaande geschriften over bewustzijnsstaten na de dood en de mogelijkheid van een wijze navigatie door deze bewustzijnsstaten heen. Het vormt een onderdeel van een levenslange training om zelfs onder de meest uiteenlopende en ongewone omstandigheden de juiste koers niet uit het oog te verliezen. Door je er voortdurend van bewust te blijven dat het waargenomene tegelijkertijd de waarnemer is, dat alles wat je waarneemt een projectie is van het veronderstelde zelf, dat alles wat je ziet je eigen geest is.
De tekst moedigt je aan je niet langer vast te klampen aan oude verlangens en gevoelens van gescheidenheid die leiden tot angst en zelfbescherming, en één te worden met je oorspronkelijke natuur. Afstand te nemen van het onware en op te gaan in het waarachtige.
Voor dit doel worden bewustzijnsstaten gepersonifieerd als hemelse wezens. Een weloverwogen techniek om die bewustzijnsstaten meer dan 'levensgroot' te maken en via hun personificatie en opsiering met allerlei attributen herkenbaar voor de betrokkene.
Mededogen heeft haar personificatie in de glinsterende Avalokiteshvars; angst in de bloeddorstige oorlogsdemon; het vermogen datgene wat ons doet vastklampen aan onze bewustzijnsinhouden te doorklieven wordt uitgebeeld door de wijze zwaard-dragende Manjushri.
Stephen Levine
De nu volgende stuken zijn niet eenvoudig maar wilde u deze zeer zeker niet onthouden.
Laat ze rustig tot u spreken en heeft u vragen, stel ze gerust,u krijgt altijd antwoord al naar gelang mijn bewustzijn het toelaat. (dat mag ook via een mail)
Warme groet Jeltje
woensdag 9 oktober 2013
het bardo-systeem afsluiting.
Als je werkt met het idee van het bestaan van bardo's kun je er op een schitterende manier achterkomen dat de illusie zich hier en nu afspeelt, telkens als je probeert vast te houden. Het is ook een interessant gegeven dat deze bardo's een bepaald proces van ontstaan (te voorschijn treden) bestaan (een zwerftocht) en vergaan of losmaken vertonen.
Precies als bij elke gemoedstoestand, waarbij iets ontstaat, enige tijd blijft bestaan en dan weer vergaat om opnieuw iets te laten ontstaan, bestaan en vergaan. Als we deze geboorte en dood van moment tot moment van het verstand gadeslaan, worden we gaandeweg voorbereid op de volgende incarnatie.
En het gadeslaan van dit proces van scheppen en losmaken bevrijd ons van ons gevoel van soliditeit, van het gevoel dat er 'iemand' te beschermen valt. Het is duidelijk dat de bardo's van te voorschijn treden onderling verwisselbaar zijn. Dat de geboorte en de ogenblikken vlak na de dood hetzelfde zijn. Dat de bardo's van het rondzwervende bestaan, van 'leven' en 'dood' uit dezelfde elementen bestaan - het bewustzijn en oude neigingen. En dat de bardo's van het losmakingsproces, van het ogenblik vlak voor de dood en vlak voor de geboorte ook onderling verwisselbaar zijn. Wanneer wij ons op iedere overgang richten zoals die zich aandient, sterven wij daarmee van ogenblik tot ogenblik in de Onvergankelijkheid.
Stephen Levine
Warme groet Jeltje
dinsdag 8 oktober 2013
het bardo-systeem 3
In het Tibetaanse Dodenboek horen we in deze vierde bardo, de overgang na de dood - het tevoorschijn treden - vaak spreken over het verschijnen van het grote licht, dat de Dharmata genoemd wordt, waar het wezen van ons zijn, niet langer geïdentificeerd met het lichaam, in zijn stralende luister voor ons staat. Het wordt door tallozen beschouwd als een van de meest belangrijke ogenblikken van een incarnatie, waarin de grootste potentie vervat ligt.
De vijfde bardo, de Bardo van het Ogenblik van Sterven, is weer een zwervende bardo, waarin we in de overgang naar de volgende les zitten, een bardo van ouder worden en groei die optreedt als ons verstand uit zijn geconditioneerde baan raakt en zich losmaakt van een leven van vasthouden en manoevreren om wille van veiligheid en zekerheid. Het verleden wordt uiteengerafeld, weer wordt ons een gelegenheid geboden om direct in verbinding te treden met de vormen die in het verstand oprijzen en die de manier waarop wij tegen de dingen aankijken bepalen.
In deze bardo komen de meeste ontmoetingen voor met vreedzame en wraakzuchtige godheden. Men zegt dat men hier de tienduizend liefhebbende en de tienduizend wraakzuchtige aspecten van het verstand tegenkomt. Maar natuurlijk zijn deze hoedanigheden ook waarneembaar in onze huidige bardo.
Evenals bij de tweede bardo, de Bardo van de Levensspanne, kan het het op de tijd georiënteerde verstand voorkomen alsof deze bardo van de 'dood' enige tijd beslaat.
De zesde bardo, de Bardo van h et Ogenblik voor de Geboorte, is er weer een van je losmaken. Het is het moment van de keuze van een nieuwe geboorte, het kiezen van een incarnatie. Het is h et moment waarop je je aangetrokken voelt tot je volgende staat van wording, waarbij je verlangens je naar een nieuwe moederschoot leiden, waaruit je tevoorschijn komt in een wereld die meestal te groot of te klein lijkt.
Stephen Levine
warme groet jeltje
zaterdag 5 oktober 2013
het bardo systeem 2
Er zijn zes bardos. De eerste is de Bardo van de Geboorte; een geboortemoment, een bardo van te voorschijn treden, de overgangservaring van het bewustzijn in een lichaam dat overgaat naar zijn eigen onafhankelijke bestaan in dit rijk.
De tweede bardo is de Levensspanne Bardo; een bardo van wording; de groei van kind tot volwassene; een bardo van leren, ouder worden en de veranderingen die tijdens het leven optreden. Dit interval kan veel korter zijn dan de eerste of honderd jaar langer duren. Men kan de bardo van het leven ook zien als de 'bardo van de lege hand' - een reeks van opeengestapelde verlangens en doelstellingen, worden wat men graag zou willen zijn.
De derde bardo is die van het losmaken. Het is de Bardo van de Ogenblikken voor de Dood. Het is de overgang uit het schijnbaar solide, een ruimtelijk zich terugtrekken, een versmelten vanuit de lichamelijke vorm tot meer subtiele werkelijkheden.
De vierde is weer een bardo van te voorschijn treden. Het is de Bardo van de Ogenblikken na de Dood, waarin het tot je doordringt dat er niet zoiets als de dood bestaat, maar alleen de momenten vlak voor en vlak na de dood. Het idee 'dood' is niet geworteld in de werkelijkheid. Het lichaam is het ene ogenblik nog bezield en het volgende ogenblik is het dat niet meer, maar is een lege huls geworden, die nooit meer terugkomt.
In het laatste geval kan de inhoud wel terugkomen, maar het vat niet. Het is net een lichtpeer die het ene ogenblik aan is en het volgende ogenblik uit, omdat de stroom die erdoorheen loopt is uitgevallen, waardoor hij grijs en leeg achterblijft. De peer is nog steeds hetzelfde - alleen de stroom waardoor hij functioneerde bestaat niet meer. Daartussenin is geen tijd verstreken. Alleen het lichaam sterft. Van het lichaam uit gezien treedt deze bardo op als de dood herkenbaar is. Maar het lichaam heeft nooit op zichzelf bestaan, alleen trekt de levenskracht (wat dat dan ook moge zijn) zich terug. Zoals iemand het eens stelde, is het lichaam in feite nooit zo actief als na de dood, wanneer het miljarden microben en een geweldige hoeveelheid schepseltjes onderhoudt, die voedsel halen uit de ontbinding van het lichaam.
Stephen Levine
warme groet Jeltje
Abonneren op:
Posts (Atom)


















